Hans Mantel: “Al het fraais in Las Vegas is betaald door verliezers”

Jazz-bassist en musicoloog Hans Mantel legt uit waarom je met een lot alleen ijdele hoop koopt.

Naast me in de kiosk waar ik mijn bundeltje buitenlandse kranten koop, stond een man die ik uit de buurt al dertig jaar ken en ik zag hem nu voor een fors bedrag aan loten kopen; van die krasdingen op zo’n rol, maar ook van de Lotto en van zo’n andere populaire loterij. Ik dacht ineens hem uit te nodigen voor een biertje om de hoek en hem dan met een eenvoudig kansberekeningsvoorbeeld te laten zien dat je helemaal nooit loten moet kopen natuurlijk.

Die loterijen zijn verdieners en net als casino’s geen filantropische instellingen. Al het fraais in Las Vegas is betaald met geld van verliezers, niet met dat van winnaars. Even los van die troostprijsjes waarbij je je eigen geld terug krijgt of af en toe wat tientjes wint, heb je geen schijn van kans op die hoofdprijs. Bijvoorbeeld bij de Lotto is dat, uitgerekend door een onderzoeker aan de universiteit van Groningen, 1 op 49 miljoen! Da’s een olympisch zwembad vol M&M’s waar je er dan voor de kosten van een lot eentje uit mag pakken. I’m sorry, maar statistisch is je kans op de hoofdprijs te verwaarlozen en wat je dus feitelijk koopt is alleen de hoop dat je hem zou kunnen winnen, een duim in je mond, een idylle.

De kans dat iemand die prijs gaat winnen is 100% maar de kans dat jij het bent is te verwaarlozen; feitelijk nihil. Ik had de man willen zeggen: “Koop van dat geld toch een leuke, nieuwe fietsbel of schoentjes voor je kindje en een mooi cadeau met een bos bloemen voor je vrouw of ga met z’n allen eten en naar de bioscoop; da’s op allerlei manieren beter.” Maar ik heb hem uiteindelijk niet aangesproken want ik mag hem toch zijn, zij het dan ijdele, hoop niet ontnemen.

De Sublime Columns: maandag t/m vrijdag om 12.30: experts uit alle hoeken van de samenleving met een frisse kijk op de wereld.

Bericht achterlaten